Groene Energie

Zo voorkom je dat netcongestie jouw bedrijf stilzet

· 6 min leestijd

Veertienduizend bedrijven staan momenteel op de wachtlijst voor een stroomaansluiting. Nog niet zo lang geleden waren dat er elfduizend. De cijfers lopen op omdat het net in grote delen van Nederland vol zit, en dat raakt niet alleen datacenters en fabrieken. Ook een klein bedrijventerrein met wasserij, garage en kaasmakerij merkt het als de netbeheerder geen ruimte meer heeft voor een grotere aansluiting.

Het goede nieuws: je hoeft niet passief te wachten tot Liander, Stedin of Enexis een nieuwe kabel legt. Er zijn dingen die je als ondernemer nu al kunt doen om minder afhankelijk te worden van een overvol net, en sommige daarvan kosten geen cent.

De meeste ondernemers die ermee te maken krijgen, ontdekken het probleem pas op het moment dat ze willen uitbreiden: een extra koelcel, een tweede laadpaal op de parkeerplaats, of een nieuwe machine die meer vermogen vraagt. Dan blijkt dat de netbeheerder de aanvraag niet zomaar kan honoreren en je op een lijst terechtkomt waarvan niemand precies weet hoe lang die is. Hoe eerder je nu al werkt aan een lagere en flexibelere belasting van je aansluiting, hoe minder hard die wachtlijst je straks raakt.

Wat netcongestie eigenlijk betekent voor jouw aansluiting

Netcongestie ontstaat wanneer er op een bepaald moment meer vraag naar stroom is dan het net op die plek aankan. Dat is geen abstract probleem: TenneT meldde dit jaar dat provincies als Flevoland, Gelderland en Utrecht qua netcapaciteit compleet op slot zitten. Wil je daar als bedrijf uitbreiden of een zwaardere aansluiting aanvragen, dan land je op dezelfde wachtlijst als grote industriële afnemers.

Belangrijk verschil met vroeger: het probleem zit niet meer alleen bij hoogspanning. Ook laagspanningsnetten in wijken en op bedrijventerreinen lopen vast, vaak juist doordat er lokaal veel zonnepanelen en laadpalen bijkomen. Het net raakt dus niet alleen vol door vraag, maar ook door teruglevering.

Een dynamisch energiecontract verplaatst je verbruik naar rustige uren

De eenvoudigste stap kost geen investering: overstappen op een dynamisch energiecontract. In plaats van een vaste prijs per kWh betaal je per uur een tarief dat meebeweegt met de groothandelsmarkt. Draai je je energie-intensieve processen, zoals koeling, compressoren of laadpalen, bewust op de uren waarop er veel wind- en zonnestroom is, dan betaal je vaak fors minder én ontlast je het net op precies de momenten dat het druk is.

Voor bedrijven met een batterij is dit verschil nog groter, omdat je dan ook kunt opladen tegen lage prijzen en ontladen wanneer het duur is. Twijfel je of een batterij voor jouw pand rendabel is, dan hebben we dat eerder op een rij gezet. Maar ook zonder eigen opslag win je al door simpelweg te schuiven met je verbruik.

Piekbelasting verlagen zonder dure apparatuur aan te schaffen

Netbeheerders kijken niet naar je gemiddelde verbruik, maar naar je piekmoment. Een bakkerij die 's ochtends vroeg alle ovens tegelijk aanzet, vraagt op dat moment veel meer vermogen dan de rest van de dag. Spreid je die start over een kwartier, dan verlaag je je piek zonder dat je totale energieverbruik verandert.

Concreet betekent dit: zet niet alle machines, koelinstallaties en laders tegelijk aan bij het openen van de zaak. Een simpele tijdklok of een slimme meter met inzicht in je verbruik per kwartier is vaak al genoeg om te zien waar je pieken zitten. Sommige netbeheerders bieden bedrijven inmiddels ook een lagere aansluitvergoeding aan als ze aantoonbaar hun piek verlagen, omdat dat letterlijk ruimte vrijmaakt voor andere bedrijven op hetzelfde net.

Samen optrekken met de buren op je bedrijventerrein

Steeds meer bedrijventerreinen ontdekken dat ze het net efficiënter kunnen gebruiken door onderling samen te werken in plaats van elk voor zich een eigen zware aansluiting aan te vragen. ABN Amro noemt de facilitator die dat organiseert een stroomkoppelaar: iemand die ondernemers op een terrein bij elkaar brengt, gezamenlijke transportcontracten regelt met de netbeheerder en verbruik onderling afstemt.

Heb je op je eigen terrein al buren met zonnepanelen of een overschot aan stroom, dan is een energiegemeenschap opstarten een logische volgende stap. Je deelt dan niet alleen kennis, maar ook daadwerkelijk stroom en netcapaciteit, wat voor beide partijen sneller ruimte oplevert dan wachten op een individuele netuitbreiding.

Wat dit voor jouw planning betekent

Het Landelijk Actieprogramma Netcongestie moet de komende jaren 5 tot 10 gigawatt extra ruimte op het net vrijmaken, onder meer door batterijen en gasgeneratoren lokaal in te zetten. Volgens recente berichtgeving kan de wachtlijst daardoor de komende jaren met tientallen procenten dalen. Voor de korte termijn verandert dat weinig aan jouw positie op die lijst.

Drie dingen die je zonder grote investering deze maand al kunt regelen:

  • Vraag je huidige energieleverancier na of overstappen naar een dynamisch contract mogelijk is, en reken door wat dat scheelt op basis van je huidige verbruiksprofiel.
  • Zet je piekverbruik een paar dagen op een rij via je slimme meter of energiemonitor, en kijk welke apparaten of processen tegelijk aanslaan.
  • Leg contact met de bedrijfsvereniging van je terrein en vraag of er al gesprekken lopen met de netbeheerder over gezamenlijke capaciteit.

Wacht dus niet tot je aanvraag voor een nieuwe of zwaardere aansluiting eindelijk aan de beurt is. Een dynamisch contract regel je in een middag, je piekverbruik in kaart brengen kost een week aan metingen, en het gesprek met je buren op het bedrijventerrein kun je morgen al voeren. Actuele informatie over regelingen en de status van netcongestie in jouw regio vind je bij RVO. Elke stap die je nu zet, is er een die je niet hoeft te zetten zodra de wachtlijst eindelijk beweegt.

H
Geschreven door Henrik Bakke Duurzaamheid & tech redacteur

Henrik schrijft over duurzaam ondernemen, groene technologie en hoe je als bedrijf je ecologische voetafdruk verkleint zonder je winst op te offeren. Hij groeide op in Noorwegen, waar recyclen al normaal was toen de rest van Europa er nog over nadacht, en nam die mentaliteit mee naar Nederland. Zijn Scandinavische achtergrond geeft hem een natuurlijke voorsprong op het gebied van duurzaamheid, maar hij is de eerste om toe te geven dat hij zelf ook nog niet alles perfect doet. Henrik gelooft dat groene keuzes pas echt werken als ze ook financieel logisch zijn, en schrijft daarom altijd met de businesscase erbij. Zijn droom is een wereld waarin "duurzaam ondernemen" een pleonasme wordt.